Lectionary Calendar
Sunday, April 26th, 2026
the Fourth Sunday after Easter
video advertismenet
Attention!
For 10¢ a day you can enjoy StudyLight.org ads
free while helping to build churches and support pastors in Uganda.
Click here to learn more!
Read the Bible
span data-lang="dut" data-trans="lie" data-ref="act.15.1" class="versetxt"> Enige lieden, die uit Judea kwamen, leerden de broeders: Indien gij u niet laat besnijden volgens Mozaisch gebruik, kunt gij niet gered worden. Toen Paulus en Barnabas hiertegen opkwamen en in heftigen strijd met hen geraakten, besloot men dat Paulus en Barnabas met enige anderen van hen naar Jeruzalem zouden gaan om de apostelen en oudsten over dit vraagstuk te raadplegen. Dientengevolge trokken zij, door de gemeente uitgeleid, Fenicie en Samarie door, verhalende van de bekering der heidenen; waardoor zij aan alle broeders grote vreugd bereidden. Na hun aankomst te Jeruzalem werden zij door de gemeente, de apostelen en de oudsten ontvangen en verhaalden zij alwat God door hen gedaan had, maar dat enige der gelovig geworden Farizeen waren opgestaan en hadden geleerd dat men hen moest besnijden en er op aandringen dat zij de wet van Mozes inachtnamen. De apostelen en oudsten kwamen dan samen om deze zaak onder de ogen te zien. Toen de woordenwisseling levendig werd, stond Petrus op en zeide tot hen: Broeders, gij weet dat van ouds God verkozen heeft dat door mijn mond de heidenen de prediking der Blijmare zouden horen en tot het geloof komen. En God, de hartenkenner, heeft voor hen getuigenis afgelegd door hun, evenals aan ons, den Heiligen Geest te geven; Hij heeft generlei onderscheid tussen ons en hen gemaakt, daar Hij door het geloof hun hart reinigde. Nu dan, wat stelt gij God op de proef, door een juk op den nek der leerlingen te leggen, een juk dat noch onze vaderen noch wij in staat zijn geweest te dragen? Neen; wij geloven door de genadegift van den Heer Jezus gered te zullen worden, op dezelfde wijze als zij. Nu zweeg de gehele menigte en hoorde Barnabas en Paulus verhalen van al de wonderen en tekenen die God door hen onder de heidenen verricht had. Nadat zij uitgesproken hadden, antwoordde Jacobus: Broeders, hoort naar mij. Symeon heeft verhaald, hoe God genadig heeft neergezien op de heidenen om uit hen een volk ter ere van zijn naam te vormen. En hiermee stemmen de woorden der profeten overeen, zoals geschreven staat. Daarna zal Ik weerkeren en de gevallen tent van David herbouwen, wat daarvan verwoest was herstellen en weer oprichten; opdat de overgebleven mensen den Heer zoeken, met alle volken over wie mijn naam uitgeroepen is. Zo spreekt de Heer, die deze van eeuwigheid bekende dingen doet. -- Daarom ben ik van oordeel dat men het den tot God bekeerden heidenen niet zwaar moet maken, maar hun voorschrijven zich te onthouden van hetgeen door de afgoden besmet is, van hoererij, van het verstikte en van bloed. Want Mozes heeft van oudsher in elke stad mensen die hem prediken, daar hij in de synagogen elken sabbat wordt voorgelezen. Toen docht het den apostelen en den oudsten met de gehele menigte goed uit hun midden enige mannen uit te kiezen, en die met Paulus en Barnabas naar Antiochie te zenden, namelijk Judas bijgenaamd Barsabbas en Silas, mannen die onder de broeders achting genoten. Zij gaven hun een brief mee van dezen inhoud: De apostelen en de oudsten, als broeders, aan de broeders uit de heidenen in Antiochie, Syrie en Cilicie heil! Nademaal wij gehoord hebben dat sommigen onzer, zonder opdracht van ons, u door hun woorden ontroerd en geschokt hebben, heeft het ons, na tot eenstemmigheid gekomen te zijn, goedgedocht enige hiertoe uitverkoren mannen, met de door ons beminde Barnabas en Paulus, tot u te zenden; het zijn mannen die hun leven veil hebben voor den naam van den Heer Jezus Christus. Wij zenden dan tot u Judas en Silas, die u mondeling hetzelfde zullen meedelen. Want het heeft den Heiligen Geest en ons goedgedocht u geen zwaarder last op te leggen dan wat noodzakelijk is: dat gij u hebt te onthouden van het vlees der afgodenoffers, bloed, het verstikte en hoererij. Indien gij u daarvoor wacht, zult gij goed handelen. Vaartwel! Zij kregen dan hun afscheid en reisden naar Antiochie, waar zij de gemeente leden samenriepen en den brief afgaven. Zij lazen dien en verheugden zich over die vermaning. Judas en Silas, die zelf profeten waren, vermaanden en bemoedigden de broeders met vele woorden. Na enigen tijd daar doorgebracht te hebben, scheidden zij in vrede van de broeders en keerden naar hun zenders terug. 43.ac.nl.lie.nt.his 015:035 Maar Paulus en Barnabas bleven in Antiochie, met vele anderen lerend en het woord des Heeren verkondigend.
Bible Study Resources
Parallel Translations
Gereviseerde Lutherse Vertaling
Paulus nu en Barnabas hielden zich te Antiochi op, en leerden en predikten met vele anderen het woord des Heren.
Staten Vertaling
En Paulus en Barnabas onthielden zich te Antiochie, lerende en verkondigende met nog vele anderen, het Woord des Heeren.
Bible Verse Review
from Treasury of Scripure Knowledge
continued: Acts 13:1, Acts 14:28
teaching: Acts 28:31, Matthew 28:19, Matthew 28:20, Colossians 1:28, 1 Timothy 2:7, 2 Timothy 4:2
Reciprocal: Acts 9:27 - Barnabas Acts 11:19 - Antioch Acts 11:22 - and they Acts 15:25 - Barnabas Acts 18:22 - he went 1 Corinthians 14:36 - came
Gill's Notes on the Bible
Paul also and Barnabas continued in Antioch,.... As well as Silas: teaching and preaching the word of the Lord; the Gospel of Christ; not the word of men, but the word of the Lord, of which he is both the author and subject: this they preached in season, and out of season, with power, purity, plainness, and faithfulness.
And many others also; who either came along with them from Jerusalem, when they brought the letter from thence, or were here before; who came hither upon the persecution raised at the death of Stephen, Acts 11:19 or they were the prophets which afterwards came from Jerusalem thither, Acts 11:27 such as Simeon called Niger, Lucius of Cyrene, and Manaen, Acts 13:1.
Barnes' Notes on the Bible
Paul also, and Barnabas, continued in Antioch - How long a time is unknown. It is probable that at this time the unhappy incident occurred between Paul and Peter which is recorded in Galatians 2:11-14.